Loekie viert de zomer

Loekie viert de zomer

Loekie springt over een koffer heen. En weer terug. Hop, hop, dat gaat leuk. Snuffelend maakt hij een rondje om de koffers. Ha, daar staat een koffer open. En er zit nog genoeg ruimte in. Loekie neemt een aanloopje en springt er in. Hij klauwt met zijn pootjes over de kleding en maakt een bedje. Draaiend gaat hij liggen. Lekker knus en warm tussen de kledingstukken in. Dat ligt fi jn. Zuchtend met zijn kopje op zijn pootjes slaapt hij in.

‘Schiet op meiden. We moeten weg,’ roept moeder naar boven.

Vader tilt de koffers op. Moeder sluit de laatste en tilt hem met twee handen naar de voordeur. Zo, zitten hier bakstenen in? zucht moeder. Zo zwaar.

Vader neemt de koffer over en legt hem achter in de auto. ‘Kom meiden, we moeten nu gaan.’

Marit en Inge rennen de trap af. Inge duwt Marit opzij en sprint naar de auto. ‘He, ik wil achter mama zitten’ schreeuwt Marit.

‘Marit en Inge hou op met ruzie maken. Ga gewoon zitten,’ zegt vader waarschuwend.

Boos gaat Marit achter papa zitten. Inge steekt haar tong uit. Marit negeert haar maar. Eindelijk rijden ze weg.

‘Maar we hebben Loekie niet geknuffeld, ‘huilt Inge plotseling.

Mama draait zich om in haar stoel. ‘We gaan niet meer terug. Maar oma zorgt goed voor hem lieverd, ‘troost ze haar dochter.

Snikkend tuurt ze uit het raam. Boos tuurt Marit uit het andere raam. Oei, dat kan nog een gezellige vakantie worden.

Na een uurtje gereden te hebben zijn ze eindelijk bij het vakantiehuisje aangekomen. Vader parkeert de auto en stapt uit. Moeder laat de meiden uitstappen en opent de voordeur.

Vader tilt de koffers uit de auto en brengt ze één voor één naar binnen.

‘Wat is het hier mooi,‘ roept Inge blij uit. Samen met Marit verkennen ze het huisje. Hun ruzie alweer helemaal vergeten.

‘Wat zit er toch in die koffer,’ zucht vader. Hij zet hem in de woonkamer op de grond neer en maakt hem open. Nee maar, zegt hij verrast. ‘Meiden kom gauw kijken,’ lacht hij nu.

Mama, Marit en Inge willen natuurlijk meteen weten wat er te zien is. ‘Loekie,’ klinkt het in koor.

Loekie kijkt hen suffig en slaperig aan.

Einde.

Puk

Hallo, mijn naam is Puk en ik ben de creatieve kid van Surfkids.