';
Preloader logo
Wichelroedelopers

Wichelroedelopers

Drassig grasland zakt ineens onder haar voeten weg. Ze zakt steeds verder en verder. Emma klauwt door het hoge gras zoekend naar houvast. ‘Vader, vader, help!’ gilt ze. Emma is haar wichelroede door haar val kwijtgeraakt. Maar daar denkt ze nu niet aan. Haar jurk trekt haar steeds verder naar beneden. Ze houdt het niet meer. Gelukkig, daar is vader. Geschokt kijkt hij haar aan. ‘Wat,’ begint hij. Dan zakt Emma er helemaal doorheen. Gillend dondert ze naar beneden. Met een plof komt ze op de grond terecht. Versuft blijft ze even liggen.

‘Emma, Emma!,’ schreeuwt vader van ver boven haar. ‘Leef je nog?’

‘Ja,’ roept Emma naar boven. ‘Ik heb de put gevonden,’ lacht ze. Emma en haar vader zijn wichelroedelopers. Met een gevorkte tak van een wilg huren boeren Emma en haar vader in om water of een put, een waterwell, te vinden op het land. Met een waterput op het land hebben boeren water dus rijkdom en macht. De oorlog is net voorbij. Het land is in opbouw. En zo verdienen Emma en haar vader de kost. Brood, melk en aardappelen. Soms ook in klinkende munt. Emma is de oudste thuis. Moeder verstelt kleding voor de rijke boerinnen. En de jongste kinderen gaan nog naar school. Emma en haar vader zijn de enige wichelroedelopers in het dorp. Als ze water vinden op land van boeren worden ze rijkelijk beloond.

En nu zit Emma in een oude vergeten put op het land van boer Harms Cornelis. Volgens boer Harms stond hier vroeger een oude boerderij. Hij wist zeker dat er een put bestond met water. En dat kon hij nou heel goed gebruiken voor zijn land.

‘Is er water in de put?’ roept vader.

Emma voelt even met haar hand. ‘Ja, een laagje. En ik hoor iets stromen.’

‘Ik haal touw bij de boer. Rustig  blijven. Ben zo terug.’

Emma knikt. Maar dat ziet vader natuurlijk niet. Ze krijgt het koud. Haar voeten en benen zijn nat. Ze voelt met haar handen langs de randen. Ze voelt stenen. Ze ziet niet veel, maar er komt genoeg licht van boven. Achter zich ziet Emma een schaduw. Ze loopt erheen en gaat er met haar hand over. Ze valt haast voorover. Haar hand blijft in het luchtledige hangen. Hier is een opening. Emma kijkt nog even omhoog. Ze twijfelt. Vader is nog niet terug. Emma tilt haar jurk een stukje op en bukkend loopt ze door de opening. Ze kan niet staan, maar ze voelt ook geen muur voor zich. Wel veel duister. Ze neemt nog een stap en nog één. Ze is in een tunnel. Achter zich verkleint het licht. Maar ze zet toch door. Nieuwsgierig als ze is. Emma loopt net zolang door tot ze ergens tegenaan botst. Ze kijkt achterom en ziet nog net een beetje flauw licht van waaruit ze vandaan kwam. Ze voelt me haar handen over de wegversperring. ‘Auw.’ Vlug stopt ze haar vinger in haar mond. Een splinter. Ze voelt met haar andere hand en ontdekt een koude ijzeren ring. Ze trekt en duwt en met flink gekraak krijgt ze de deur open. Schuifelend stapt ze de donkere ruimte binnen. Maar echt donker is het niet. Een smal raampje laat wat licht door. Onder het raampje ziet ze een lamp staan. Tastend schuifelt ze er naar toe. Ze struikelt over een stoel en mopperend duwt ze het opzij. Bij het tafeltje ziet ze lucifers naast de lamp liggen. Ze pakt het doosje op en blaast het stof ervan af. Ze haalt de kap van de ouderwetse lamp af en steekt een lucifer aan. De lont vat vlam en voorzichtig zet ze de kap er weer op. Aan het draaiknopje bedient ze de lamp en zet de vlam feller. Ze ziet nu dat ze in een kleine ruimte staat. Een kamer. Er staat een tafel met oude papieren, omgevallen stoelen, houten kisten die open staan. Emma bekijkt ze allemaal. Er liggen allemaal stoffige jurken en gewaden in. In elke kist zitten kleine kistjes onder de stoffen verborgen. Ze pakt er een kistje uit en draait het sleuteltje om. Het kistje is gevuld met sieraden en muntstukken.

‘Emma, wat is dit?’ hoort ze vader ineens zeggen. Van schrik laat ze het kistje vallen. Munten en ringen vliegen eruit en rollen over de grond. Een aantal blijft voor de voeten van vader en de boer liggen.

Vader en boer Harms hadden boven aan de put geroepen. Omdat Emma niet reageerde waren ze met een stuk touw afgedaald in de put. Zo hadden ze de opening in de muur gevonden en waren ze ook in de kelder terechtgekomen.

Boer Harms pakt de munten op. ‘Emma,’ zegt hij nadenkend. Hij krabt zich even onder zijn pet en kijkt Emma dan glunderend aan. ‘Je hebt de kelder van de oude boerderij gevonden. De verdwenen schatten heb je ontdekt. We zijn rijk. Het is mijn grond maar ik deel deze rijkdom met jullie. Naast wichelroedelopers ook schatlopers.’ De boer begint te lachen en vader lacht vrolijk met hem mee.

Puk

Hallo, mijn naam is Puk en ik ben de creatieve kid van Surfkids.